Word lid!

Informatie over Kwalificaties van NT2-docenten

  1. Geen zelfstandige onderwijsbevoegdheid

In het algemeen gelden voor lerarenberoepen wettelijk vastgelegde bekwaamheidseisen. De ‘onderwijsbevoegdheid’ die je nodig hebt om aan te tonen dat je aan die eisen voldoet, kun je halen door een eerste- of tweedegraadslerarenopleiding te volgen aan een hogeschool of universiteit. De formele bevoegdheden om les te geven in een bepaald vak, worden zo redelijk beschermd en ze hebben rechtspositionele consequenties. Bij NT2 is dat niet zo.

Eind jaren 80 van de vorige eeuw kwamen er bevoegdheden voor de basiseducatie met daaraan verbonden parttime (‘urgentie’)-opleidingen. NT2 was daarbinnen een deelopleiding (één van de 5). Begin jaren 90 is er ook een bekwaamheidsprofiel voor NT2-leerkrachten gemaakt, t.b.v. primair onderwijs, voortgezet onderwijs én volwassenenonderwijs, maar dat profiel was niet voorschrijvend en had ook geen rechtspositionele waarde.

Veel NT2-docenten beschikken over één of andere onderwijsbevoegdheid uit een ander onderwijsdomein. Ze hebben via de pabo de onderwijsbevoegdheid voor het basisonderwijs behaald of ze volgden een lerarenopleiding voor een van de vakken in het voortgezet onderwijs en het mbo. De meesten van hen hebben zich in de praktijk, en via nascholingen, trainingen op de school, of zelfstudie, het docentvak NT2 eigen gemaakt.

Er waren ook universitaire ( doctoraal cq. master) opleidingen, o.a. in Amsterdam, Groningen, Nijmegen en Tilburg, die veel aandacht besteedden aan NT2 of tot een NT2-specialisatie leidden. Veel afgestudeerden van die opleidingen kwamen in het NT2-onderwijs terecht. Dat is nog steeds zo.

Bovendien zijn er de afgelopen 15 jaar verschillende post-academische en post-bachelor  hbo-lerarenopleidingen gekomen (o.a. Amsterdam, Utrecht, Tilburg, Nijmegen, Gent en Leuven). Deze opleidingen voorzagen in een grote behoefte: enkele honderden NT2-docenten hebben het vak daar geleerd.

 

  1. 2005; de lancering van het Competentieprofiel Bekwaam NT2-docent

Toen in 2005 het Competentieprofiel NT2-docent werd gepresenteerd en aangenomen door de ledenvergadering van de BVNT2, hebben de Nederlandse en Vlaamse lerarenopleidingen voor NT2 zich aan dat profiel gecommitteerd en hun opleidingen aangepast en in de loop der tijd ook uitgebreid; het profiel vormt sindsdien de grondslag van de theoretische en praktische onderdelen van de post-academische en post-bacheloropleidingen voor NT2-docenten.

Doel van het competentieprofiel was om een actueel overzicht van praktische en theoretische competenties en attitudes te bieden waar de competente NT2-docent zich aan kon spiegelen. De Wet BIO (2006) was op komst, dus zo’n beschrijving moest er komen. In het werkveld was een grote mate van instemming met dit Competentieprofiel (zie bij voorbeeld LES 133 en LES 137).

De BVNT2 heeft op basis van het Competentieprofiel een EVC-procedure laten ontwerpen ten behoeve van ervaren NT2-docenten die al jaren werkten en allerlei vormen van nascholing en opleiding (bijvoorbeeld voor docent basiseducatie) hadden afgerond. De variatie in nascholingscursussen en deskundigheidsbevordering – qua aanbod, qua omvang, qua diepgang, etc. – was enorm. In een EVC-procedure zouden al die individuele vormen van deskundigheidsontwikkeling zichtbaar gemaakt moeten worden, en beoordeeld, en vergeleken met de competenties in het NT2-Competentieprofiel.

Wie – volgens een vast schema – een portfolio samenstelt met alle bewijzen van zijn/haar kunnen, zowel praktisch als theoretisch, kan bij een van de NT2-lerarenopleidingen een assessment aanvragen. In het assessment toont de docent aan te beschikken over actuele theoretische kennis (Handboek NT2 Volwasseneneducatie) in relatie tot de eigen lespraktijk (voorbeeldlessen in het portfolio). Wie op deze manier zijn/haar vakbekwaamheid demonstreert, ontvangt het Certificaat Bekwaam NT2-docent van de BVNT2 & de betreffende lerarenopleiding. Inmiddels zijn er bijna duizend NT2-docenten die dit certificaat hebben behaald.

De Beroepsvereniging maakt zich sinds de oprichting, sterk voor de ontwikkeling en voor het zichtbaar maken van kennis en bekwaamheid in het vak. Dat is een belangrijke doelstelling van de vereniging. De lerarenopleidingen waarmee de BVNT2 een convenant heeft afgesloten (ten behoeve van de certificering in de EVC procedure), vormen een werkgroep binnen de vereniging. Een belangrijke functie van deze werkgroep is een goede verbinding te bewerkstelligen tussen opleidingen en kennisontwikkeling aan de ene kant en de uitvoering in het werkveld aan de andere kant.

Op dit moment (2018) zijn er dus, volgens de BVNT2, twee soorten bewijzen van bekwaamheid voor het NT2 onderwijs:

  1. het Certificaat Bekwaam NT2-docent dat een aantal lerarenopleiding namens de BVNT2 uitreiken aan docenten die geslaagd zijn voor het assessment van de BVNT2 en,
  2. het certificaat dat wordt uitgereikt aan docenten die een officiële post-academische of een post-bachelor (hbo) opleiding voor NT2 docenten hebben afgerond in 2005 en later.

 

Er zijn ook NT2-docenten die alleen of voornamelijk een theoretische opleiding hebben gevolgd, bij voorbeeld aan een van de universitaire NT2-masteropleidingen (ook de leergang met 3 praktijkmodules van de UvA behoort hiertoe). Zij hebben zich gekwalificeerd in de kenniscompetenties en de didactische competenties van het NT2-vak, maar aan de opleiding is geen praktijkopleiding verbonden. Er zijn ook NT2-docenten die recentelijk een opleidingscertificaat hebben behaald bij het Bureau Olijhoek/Valk. Voor deze twee groepen is een door de BVNT2 ingekorte, aangepaste versie van het EVC-portfolio beschikbaar. (In de loop van 2020 zal daar verandering in komen.) De betreffende docenten tonen in deze aangepaste procedure uitsluitend de bewijzen van hun praktijkervaring en hun praktische vaardigheden. Zij ontvangen dan het Certificaat Bekwaam NT2-docent van de BVNT2/Lerarenopleidingen (zie onder 1. hierboven).

 

  1. Overzicht van kwalificaties voor NT2-onderwijs

1.Certificaat Competent NT2-docent van de BVNT2, naar aanleiding van een EVC-procedure (portfolio en assessment), uitgegeven namens de BVNT2 door een van de volgende lerarenopleidingen:

  • Opleiding NT2-docent VU-NT2 (voorheen i.s.m. Windesheim Hogeschool).
  • Post-bachelor Opleiding (voorheen post-hbo) NT2-docent van de Hogeschool Utrecht.
  • Post-bachelor Opleiding (voorheen post-hbo) NT2-docent Fontys Lerarenopleiding
  • Post-hbo opleiding NT2 docent Hogeschool van Amsterdam.
  • Opleiding NT2-docent van Radboud in’to Languages (Radboud Universiteit Nijmegen)

2.Certificaat/diploma post-bacheloropleiding Docent NT2 van een van de volgende lerarenopleidingen (sinds 2005):

De BVNT2 beperkt zich in de validatie van NT2-docentcompetenties tot de bovengenoemde opleidingen/certificaten. Het is ons bekend dat er ook docenten als NT2 -docent werkzaam zijn in cursussen en opleidingen die veel ervaring hebben en ook vaak een pedagogische opleiding. Veel van deze docenten hebben in het verleden en verre verleden een relevante vorm van nascholing gevolgd. De BVNT2 heeft, zoals hierboven beschreven, voor al deze ervaren docenten het EVC-traject laten ontwikkelen. Wie meent over een passende vooropleiding en passende bij- en nascholingscertificaten te beschikken, en daarnaast over meer dan voldoende werkervaring als NT2-docent, verwijzen wij voor formele kwalificatie naar dat EVC-traject.

Sinds 2006 hield de BVNT2 een register bij van docenten die d.m.v. de EVC-procedure een certificaat behaalden. In 2018 heeft de ledenvergadering van de BVNT2 besloten dat dat register ook zou moeten worden opengesteld voor NT2-docenten die een post-hbo of een post-bachelor hebben behaald in of sinds 2005 (zie 3.2 hierboven).

 

  1. Veel verzoeken om waardering van certificaten en praktijkervaring bij de BVNT2

Het bestuur van de BVNT2 ontvangt regelmatig verzoeken van individuele docenten en werkgevers om een oordeel te geven over de bekwaamheid van NT2-docenten. De BVNT2 spant zich in voor een objectieve, algemeen geldige en deskundige beoordeling. En verwijst dus altijd naar de officiële lerarenopleidingen. Die instellingen zijn daarvoor door de overheid aangewezen. Het zou ongepast zijn wanneer individuele bestuursleden over de bekwaamheid van NT2-collega’s een formeel oordeel zouden uitspreken (een ja of een nee geven). Daarvoor is nu juist de EVC-procedure opgezet bij officiële lerarenopleidingen, met gekwalificeerde en gecertificeerde assessoren en een klachtenregeling, etc.

 

  1. Kwaliteitsbewaking

Wel rekent het bestuur van de BVNT2 het tot de eigen verantwoordelijkheid om de procedures te ijken aan de landelijke standaarden. Er is constante kwaliteitszorg. De EVC-procedure is in eerste instantie opgezet in nauw overleg met het Landelijke EVC-centrum voor BVE van Cinop. In 2013 is de EVC-procedure in nog eens helemaal doorgelicht door het HvA-EVC-Kenniscentrum. De procedure is toen op punten opnieuw aangepast. Onlangs hebben 24 nieuwe veldassessoren een assessorenopleiding gevolgd en zijn in het najaar 2017 formeel gecertificeerd. Alle EVC-assessments worden uitgevoerd door twee assessoren: een officiële NT2-opleider en een gecertificeerde veldassessor voor NT2.

De procedure zelf moet immers objectief, betrouwbaar, kwalitatief en transparant zijn.

Het zou niet gepast zijn wanneer een willekeurige BVNT2-medewerker zelf aan een bureau gaat beoordelen of de docenten in kwestie aan de vereiste competentie-eisen van het NT2-docentschap voldoen.

 

  1. Kwaliteitskenmerken van de officiële NT2-docentenopleidingen

De BVNT2 heeft voor Nederland en in Vlaanderen gekeken naar welke gemeenschappelijke kenmerken de bestaande opleidingen, in min of meer gelijke mate, vertonen. Die kenmerken zijn:

  1. De totale omvang van de opleiding (het totaal aan studie- en werkuren) is tussen 600 en 700 uur.
  2. De duurvan de opleiding is minimaal 1, maximaal 2 jaar.
  3. De afsluitingvan de opleiding bestaat uit een portfolio met een examen of assessment. Kandidaten moeten hebben voldaan aan alle opleidingseisen.
  4. Het theorie- en (zelf-)studiedeel (inclusief praktijkopdrachten) in de opleiding omvat 380 tot 560 uur.
  5. De inhoud van het opleidingsprogramma garandeert dat het gehele Competentieprofiel wordt gedekt; A1 t/m A5, B1 (mogelijk vrijgesteld met onderwijsbevoegdheid), B2 t/m B5. De verschillende onderdelen van het C-deel zijn onderdeel van de opleiding of van thematische workshops.
  6. De vakkenniscomponent van het opleidingsprogramma omvat alle onderdelen van het Handboek Nederlands als tweede taal in het Volwassenenonderwijs (Bossers, B. e.a, Coutinho Bussum, 2010).
  7. De instelling voldoet aan de Dublindescriptoren (de niveaueisen die in Europees verband gelden voor bachelor en masteropleidingen).
  8. De praktijkontwikkeling(op de stageplek of de eigen werkplek) omvat ongeveer 200 – 300 uren, en wordt voor een deel gevolgd en ondersteund door bekwame en ervaren, en bij voorkeur NT2-gecertificeerde docenten die de rol van praktijkbegeleider op zich hebben genomen.

 

  1. De werkgever, het bevoegd gezag of de wetgever beslist

De BVNT2 geeft in dit document een overzicht van kwaliteitsgaranties die een rol spelen bij de beoordeling van NT2-vakbekwaamheid zoals die zijn vastgelegd in het Competentieprofiel NT2-docent. Ook is hierboven aangegeven welke kwalificaties rechtstreeks aan een opleiding kunnen worden ontleend en welke via een portfolio en assessments in het kader van een EVC-procedure. Daarbij staan twee zaken centraal:

  1. de BVNT2 wil faciliteren, kwaliteit garanderen, organiseren en promoten, maar de lerarenopleidingen vellen uiteindelijk het oordeel en verlenen de kwalificaties,
  2. er is een streep getrokken; het jaartal 2005. Voor sommigen oogt dat misschien arbitrair, maar dat is het niet: in dat jaar is het Competentieprofiel openbaar gemaakt. Vanaf dat moment kon iedereen van het profiel gebruik maken voor de inrichting van opleidingen en nascholingen en het opstellen van kwaliteitscriteria voor personeelselectie, en dergelijke.

Het bestuur van de BVNT2 ziet dit document als een verantwoording en een goed gemotiveerd advies. De BVNT2 is niet bevoegd noch aangewezen om in rechtsposities te treden. En spreekt ook geen oordeel uit over bevoegdheid. Werkgevers, subsidiënten en gemeenten zijn als eerste verantwoordelijk voor kwaliteit van cursussen en aanbod NT2 en ook voor personeelsbeleid; deze partijen kunnen wel of niet gebruik maken van dit advies.