Word lid!
Berichten voor de leden

Tarieven en beloning  Bekwame NT2-docenten

Soorten dienstverband/inhuur

1. NT2-docenten in dienst bij een rijksgesubsidieerde onderwijsinstelling

Er zijn veel NT2-docenten in reguliere, tijdelijke of vaste dienst van universiteiten, hbo- en mbo-instellingen en scholen voor voortgezet onderwijs (ISK bij voorbeeld). Wie in reguliere tijdelijke of vaste dienst is, zal meestel wel betaald worden volgens de onderwijs-CAO. Niettemin zijn er ook scholen en onderwijsinstellingen die op uurbasis NT2-docenten als zzp-ers inhuren of NT2-docenten via pay-rol aanstellen. In de laatste gevallen zullen losse afspraken over tarief, salaris en werktijden e.d. in het geding zijn. Dan gaat een van de volgende mogelijkheden op.

 

2. NT2-docenten die tijdelijk (d.w.z. voor een zekere periode) of vast in dienst zijn bij taalaanbieders

Met name op de inburgeringsmarkt zijn veel verschillende taalaanbieders actief. Dat zullen heel vaak commerciële, private ondernemingen zijn: taalscholen en re-integratiebedrijven. Maar ook ROC’s en afdelingen van instellingen voor hoger onderwijs bieden inburgeringscursussen aan. In het laatste geval kunnen docenten een vast dienstverband hebben, zoals bij 1. Dan kan er dus een CAO-gerelateerd dienstverband zijn. Maar private taalscholen en re-integratiebedrijven kunnen ook docenten in vaste dienst nemen. Ze zullen dan zelf de hoogte van het salaris en de andere arbeidsvoorwaarden bepalen. Maar ook worden bij al die instellingen daarnaast docenten als zzp-er ingehuurd of op pay-rol aangesteld.

 

3.Freelancers en ZZP-ers

Er zijn ook NT2-docenten die als éénpitter functioneren en zelfstandig cursisten aannemen en les geven, en eventueel daarnaast ook als zzp-er/freelancer worden ingehuurd door taalaanbieders en vergelijkbare instellingen. Zij werken dus soms voor inburgering , maar soms ook om expats en dergelijke NT2 te geven. Veel zelfstandig werkende NT2-docenten hebben dus een “uurtje-factuurtje” vorm van inkomsten. De BVNT2 heeft enkele jaren geleden al een overzicht gepubliceerd op de website waarin een voorbeeld wordt uitgewerkt van een mogelijke tarief voor z’n zzp-er. Dat voorbeeld wordt hieronder samengevat.

 

Grondslagen voor beloning en tarieven

1. Als er een CAO is in een arbeidsmarktdomein dan moeten werkgevers zich daar op richten (zie hoger onderwijs, voortgezet onderwijs, e.d). Bij de vrije markt voor taalaanbieders is dat lastig.

Het uitgangspunt van de BNVNT2 is dat er moet worden gekeken naar een branche en een werkniveau waar vergelijkbaar werk wordt verricht en vergelijkbare opleidings- en ervaringseisen worden gesteld en die dan als referentiepunt gebruiken. Met dat uitgangspunt komen we dan terecht bij de mbo-school schaal 10.

We hebben gekeken naar salaris en werkbelasting bij een volledige werkweek van een bekwame (voor mbo bevoegde) NT2-docent.

NT2 docenten worden meestal betaald in schaal LB van het MBO (= schaal 10) tenzij er eerder een hoger salaris in een vergelijkbare functie is verdiend: er wordt dan gezocht naar het naastgelegen bedrag in een hogere schaal. Hieronder dus die schaal LB uit de CAO MBO 2018-2020 (start = € 2757)

Omdat de ‘ladder’ relatief kort is voor docenten zitten de meeste MBO NT2 docenten van bij voorbeeld 40 jaar of ouder in schaal LB trede 12 (rond €4000,- bruto). Er is een aparte schaal voor jongeren tot 23 jaar, daarna ga je gewoon verder in LB (=10). Voor docenten die nog niet volledig bevoegd zijn wordt soms ook een traject afgesproken van max. 2×12 maanden om bevoegd te geraken, vaak nog met ondersteuning van de instelling (betaling in tijd of studiekosten), maar wordt er al wel het salaris in LB/schaal 10 betaald.

 

2.Een poging om een uurtarief af te leiden.

Aandachtspunt is dat er de laatste jaren in het reguliere onderwijs veel verschoven is naar eenmalige betalingen. Zo kent men een 13e maand die bijna een geheel maandsalaris bedraagt en zijn er natuurlijk de reguliere vergoedingen en toeslagen voor vakantie, ziekte, zwangerschap, pensioen etc. Dat komt dus bovenop de bedragen die hierboven in de tabel staan.

Scholen in het mbo rekenen vaak met een percentage op de bruto-salariskosten van 42% aan werkelijke kosten die gemaakt worden om een docent te voorzien van alle toeslagen en rechten die in een CAO zijn afgesproken. Van die 42% bestaat ongeveer de helft uit de kosten voor vakantiegeld, eindejaarsuitkering en waar van toepassing, door cao-toegekende toelagen.

Als zzp-ers zich zelf moeten verzorgen op het gebied van pensioen, arbeidsongeschiktheidsverzekering etc. dan zou het redelijk zijn deze 42% aan het bruto-salaris toe te voegen. Je zou dan op deze bedragen uitkomen:

Een mbo-CAO docent met een volledige aanstelling, zal tegenwoordig tot zo’n 1000 lesuren uur per jaar effectief onderwijs verzorgen. Daarnaast zijn er natuurlijk verschillende taken die niet tot het direct lesgeven behoren en toch door docenten moeten worden uitgevoerd. De laatste jaren gebruiken scholen als uitgangspunt dat er gemiddeld €37,- netto per gemaakt lesuur wordt betaald (schatting) waarbij de ‘goede’ scholen een voorbereidingstoeslag hanteerden van 3 uur les = 4 uur uitbetaald.

Kosten bruto-bruto voor een CAO-docent 10.7: 12 maanden * €4973 (trede 7=gemiddeld) = €59676,-  Per ingeroosterd lesuur dus: €60,- all-in docentkosten.

Kosten bruto(= bruto-bruto) ZZP docent: 1000 * €37,- + 333 * €37,- (voor en nabereiding)= €49321,- Per lesuur dus €49,- all-in docentenkosten.

De ZZP docent zou dus ook €60,- per gerealiseerd lesuur betaald moeten worden, maar is dan wel volwaardig en volledig inzetbaar (= dezelfde inzetbaarheid als een CAO-docent). Dus vergaderingen, cursistbegeleiding, deskundigheidsbevordering, etc. Het kan dan niet zo zijn dat de zzp-er langskomt om de les te geven en direct daarna weer verdwijnt om zijn volgende declarabele uur elders te gaan  maken.

 

3. Hoe berekent een zelfstandig gevestigde ZZP-er (de éénpitter) zijn/haar uurtarief?

Voor de berekening die hier volgt nemen we als uitgangspunt een zelfstandige NT2-docent die wordt ingehuurd door onderwijsinstellingen, maar ook als eenpersoons instituut kan opereren. Hij of zij is niet alleen verantwoordelijk voor de NT2-lessen, maar heeft daarnaast veel extra taken zoals: voorbereiding van de lessen, samenstelling van oefenmateriaal voor aanvullende oefening van een of enkele cursisten in de groep, het voeren van noodzakelijke gesprek met de cursist, het nakijken van en feedback geven op geschreven werk, het bijhouden en verslag doen van de vorderingen van cursisten, het instrueren en assisteren van externe begeleiders en het nabespreken van buitenschoolse activiteiten, het afnemen van toetsen en proefexamens. Vaak zullen cursisten na lestijd vragen hebben voor de docent; dat vinden ze heel gewoon. En dan zijn er nog de besprekingen met opdrachtgevers, de vergaderingen, de externe bijeenkomsten, de administratie van presentie, etc.  In het reguliere onderwijs is ongeveer 1/3 deel  van de aanstellingstijd van docenten voor al die aanvullende taken. Dat zou in het zelfstandig verzorgde NT2-onderwijs niet anders moeten zijn.

Daarnaast is er de factor reistijd en reiskosten. In de grote stad kan het zijn dat een docent 15 minuten fietsen van de school woont. Buiten de grote steden komt het ook voor dat docenten twee keer per dag een uur reistijd en navenant reiskosten kwijt zijn. In een inhuurovereenkomst zou daar in voorkomende gevallen een afspraak over gemaakt moeten kunnen worden.

De zelfstandige docent heeft niet alleen – net als elke reguliere onderwijsgevende – directe en indirecte lestaken en aanvullende activiteiten uit te voeren. Hij/zij moet ook een bedrijf voeren en zelf geld apart leggen voor het ziekterisico en het pensioen en bovendien zijn er verschillende zaken waarvoor – vaak dure – verzekeringen  moeten worden afgesloten. Kortom. Er zijn veel extra kosten die uit elk verkocht uur gehaald moeten worden. Ook de uren voor de vakantie. De overhead is dus enorm.

Als, bij wijze van voorbeeld, een bekwaam (gecertificeerde) NT2-docent met een aanbieder, een  taleninstituut of een opleiding een afspraak maakt over een vergoeding van bij voorbeeld € 36 per lesuur, dan zou daar toch minimaal € 12 aan moeten worden toegevoegd voor alle aanvullende les- en lesgroeptaken en instituutstaken (zie boven: 1/3 erbij).

Een zzp-er zou in het tarief ook voor de vergoeding voor verzekeringen (arbeidsongeschiktheid, ziekterisico), reserveringen (voor pensioen, voor wachttijden tussen contractdata, en dergelijke), abonnementen/lidmaatschappen en daaruit voortvloeiende uitgaven voor audits (Blik op werk, CRKBO) en andere bedrijfskosten (bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering), nog eens €5 tot €10 aan het tarief moeten kunnen toevoegen. Op die manier zal  voor de NT2-docent in ons voorbeeld een uurtarief van minder dan 50€ – 55€ niet toereikend zijn om alle kosten van een zelfstandig gevestigde NT2-docent te dekken. En dan komt daar nog bij een eventuele vergoeding voor additionele zaken, zoals het ondersteunen van vrijwilligers en de tegemoetkoming voor extra reistijd en reiskosten.

 

Bestuur BVNT2

Februari 2019